Gina

Ik weet nog precies wanneer ik voor het laatst in de kerk ben geweest. Bayani sleepte me mee aan mijn arm. ‘Nu gaan we bidden voor onze zoon’, zei hij en we knielden. Hij prevelde zinnen waarvoor ik geen moeite deed ze te verstaan. Vanuit mijn ooghoeken observeerde ik de glas-in-lood ramen. Zonlicht viel in gekleurde vlekken op de tegelvloer. Daar wilde ik staan. Daar sta ik nu. De gordijnen langs de ramen worden jaarlijks gewassen, maar toch verspreiden ze een duffe schimmelgeur. De geur van verval en ouderdom. Het schip van de kerk is een holte van lucht. Ik voel geen God. De lucht is te koel. Het bladgoud en de gebeeldhouwde decoraties en het glanzende marmer is te weelderig. Soms denk ik eraan de trap naar de kansel te bestijgen en mijn woorden te verkondigen.

Toch voel ik rust, door de stilte, waardoorheen het suizen van de ventilatieschoepen klinkt. Ik voel rust, omdat Bayani er niet meer is. Ik ga zitten op een kerkbank helemaal achterin, op de hoek. Bayani had een zoon gewild, maar mijn eerste kind was een meisje, een elegant, zorgzaam meisje dat het goud van zonlicht gevangen hield in haar haren en op haar derde al hielp met koken. Diwata. Pas als mijn onderlip trilt, merk ik dat ik huil. Er is niemand, dus ik laat mijn tranen komen. Niemand weet waarom Diwata op een dag niet thuiskwam van school. Onder de kerkbank voor me ligt een zwart voorwerp. Al wanneer mijn vingertoppen het leerachtige materiaal raken, weet ik wat het is. Een portemonnee. Ik stop de portemonnee onder mijn kleding en druk deze met mijn handen stevig aan.

De eerste keer dat Bayani en zijn ouders op bezoek kwamen, had zijn vader ook een portemonnee. Het was één van die nieuwe voorwerpen uit het Westen. Tijdens het gesprek over de huwelijksceremonie lag die portemonnee op tafel, naast de servetten. Verkreukelde randjes van Amerikaanse dollars staken uit de portemonnee. Ik dacht eraan de portemonnee te stelen en weg te lopen. Ik wilde niet trouwen. Ik wilde naar de universiteit. Maar ik bleef braaf op mijn knieën zitten en staarde naar mijn handen terwijl mijn moeder haar best deed voor mij. Volgens haar was ik vlijtig en nederig en zorgzaam, maar ik was alles behalve dat. ‘Ze droomt te veel’, zei mijn vader dagelijks. ‘Ze is verdwaald in het echte leven.’ Mijn ouders wilden me kwijt voordat ik hen nog meer schaamte zou bezorgen. Ik hielp met het serveren van de soep, waarvoor mijn moeder al ons beste eten had gebruikt: verse rapen en kruiden, repen varkensvlees, en zelfs partjes abrikoos voor een zoete smaak. ‘Ik wil niet’, fluisterde ik bij het fornuis. Mijn moeder schepte de kom voor Bayani`s vader vol en zei alleen, ‘Je zult wel’.

Soms ga ik naar een internetcafé en lees over studeren aan een universiteit. Ik lees over alle opleidingen, over alle onderwerpen, en voel blijheid bij de gedachte dat al die kennis in mijn bezit zou zijn. Op een gegeven moment kies ik mijn studie: internationale ontwikkelingsstudies aan de Wageningen Universiteit in Nederland. Het zou me leren hoe de wereld in elkaar steekt en me eindelijk slim genoeg maken om te stemmen. Met de portemonnee tegen mijn borst geklemd snel ik naar huis. Hoewel er niemand zomaar binnen zou komen, schuif ik mijn enige stoel onder de deurklink en knoop het kleed voor het raam dicht. Bij het licht van het peertje aan het plafond haal ik visitekaartjes met de naam van een Richard Morrison uit New York, een pinpas, bonnen voor Walmart en McDonalds, een verzekeringspas van Morrison Insurance Group, en 300 Amerikaanse dollars uit de portemonnee. Ik weet alle getallen uit mijn hoofd, maar toch pak ik uit het handgeschreven kookboek van mijn moeder het papier met alle kosten die ik zal maken als ik ga studeren. 300 is niet genoeg.

Het enige goede dat ik heb overgehouden aan mijn zoon, is mijn schoondochter, Lea. Ze is vlijtig en nederig en zorgzaam, zoals Diwata had kunnen zijn. Benjie heeft haar verlaten voor een blonde, Westerse vrouw met gemanicuurde nagels, klingelende oorhangers, en genoeg geld om een schoonmaakster te betalen. Dat is alles wat ik over haar weet, en alles wat ik over haar wilde weten toen zij en Benjie me hun verloving bekend maakten. Lea komt elke vrijdag bij me langs. Ze beveelt me te zitten terwijl ze thee voor me maakt. Ze draagt hakschoenen, een gewoonte die ze heeft aangenomen sinds ze werkt op een kantoor in het centrum, waar ze verdient wat Benjie haar niet geeft. Haar oudste is zestien en werkt als sjouwer op de markt. Haar jongste is twaalf en mag nog een paar jaar naar de openbare school. Ik laat Lea de portemonnee zien. ‘We moeten het terug geven’, zegt ze. ‘Ik regel het.’ Haar bruine ogen zijn donker en dwingend.

De hele week valt mijn verkoop tegen. Met mijn kraam sta ik naast een bouwplaats, maar aan het andere einde van de straat is een nieuwe kraam. Een vrouw en haar dochter verkopen ook sandwiches aan bouwvakkers en voorbijgangers. Ik haat plots de eerlijkheid van Lea. 300 Amerikaanse dollars kan ik gebruiken om een eigen zaak te openen. Als ik aan het einde van de dag opruim, komt Lea aanlopen. Naast haar loopt een lange, blanke man in een grijs maatpak. Zijn neus rimpelt, alsof de geuren van rot fruit, pis, en zaagsel hem te veel worden. ‘Gina?’ vraagt hij met een accent als in de Amerikaanse reclames. ‘Ik heb begrepen dat jij mijn portemonnee hebt gevonden.’ Lea knikt. ‘Je dochter vertelde dat je het geld had kunnen houden, maar het toch hebt terug gegeven.’ Ik knoop een plastic tas dicht met daarin overgebleven sandwiches. ‘En u bent hier om me persoonlijk te bedanken?’ raad ik. Ik schrik zelf van de snauw in mijn stem. ‘Uw dochter vertelde me ook dat je graag zou studeren.’ Het voelt als een klap in mijn gezicht, of als de zenuwpijn die soms door mijn oude lichaam slaat. ‘Mama Gina’, zegt Lea met een lach, ‘Je denkt toch niet dat ik dat niet wist? Het papier, in je kookboek…’ Dan steekt de man zijn hand uit. ‘Ik ben Richard Morrison, de directeur van Morrison Insurance Group. Ik wil wel voor jouw studie betalen.’

Advertisements

About chb

Writer, scientist, puzzled by mankind.
This entry was posted in Fiction and tagged , , , , , , , , , , , , , , , . Bookmark the permalink.

Please leave a comment after reading:

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s